Cijfers schuiven
Keer 10 schuift elk cijfer één plek naar links (naar de grotere getallen): 2,5 wordt 25, 25 wordt 250. Delen door 10 schuift naar rechts: 25 wordt 2,5, en 2,5 wordt 0,25. Keer 100 is twee plekken, keer 1000 drie.
Rekenmaster › Kommagetallen oefenen › Keer 10, 100 en 1000 en delen door 10 en 100
“Keer 10 is een nul erbij” werkt prima voor hele getallen en breekt bij het eerste kommagetal: 2,5 × 10 is niet 2,50. Wie snapt wat er écht gebeurt — de cijfers schuiven een plek — heeft een regel die altijd klopt, ook bij procenten en het metriek stelsel.
Keer of delen door 10, 100 of 1000. Gebruik een komma (2,5). Tien sommen, steeds nieuwe.
Keer 10 schuift elk cijfer één plek naar links (naar de grotere getallen): 2,5 wordt 25, 25 wordt 250. Delen door 10 schuift naar rechts: 25 wordt 2,5, en 2,5 wordt 0,25. Keer 100 is twee plekken, keer 1000 drie.
Keer 10 maakt het getal gróter, dus de komma schuift naar rechts. Delen maakt het kleiner, dus naar links. Laat je kind vooraf zeggen of het antwoord groter of kleiner moet worden — dan is de richting nooit meer een gok.
De nul-truc bij kommagetallen (2,5 × 10 = 2,50) en de komma de verkeerde kant op schuiven bij delen. En bij 3 : 100 vergeten dat er nullen bij moeten: 0,03, niet 0,3.
12 levels met sterren, punten en een foutenlijst die onthoudt wat jij lastig vindt.
Start op Kommaeiland25. De cijfers schuiven een plek naar links; de nul-truc werkt hier niet.
Schuif elk cijfer twee plekken naar rechts: 450 : 100 = 4,5 en 3 : 100 = 0,03.
Rekenmaster · gratis rekenen oefenen voor groep 3 t/m 8 · naar het spel · alle oefenpagina's · Over Rekenmaster · Contact · Privacy & cookies