Korting of eindprijs?
Bij 20% korting op €50 is de korting €10 en de eindprijs €40. Beide zijn goed uitgerekend; de vraag bepaalt welke telt. Lees dus altijd na: wordt gevraagd hoeveel je bespaart, of hoeveel je betaalt?
Rekenmaster › Procenten oefenen › Korting berekenen
“30% korting” op een prijskaartje is de meest gestelde procentvraag van het dagelijks leven. En het is ook de vraag waar kinderen het vaakst het verkeerde getal opschrijven — niet door rekenfouten, maar doordat er twee antwoorden mogelijk zijn.
Wat betaal je na de korting? Schrijf het bedrag, bijvoorbeeld 28 of 31,50. Tien sommen, steeds nieuwe.
Bij 20% korting op €50 is de korting €10 en de eindprijs €40. Beide zijn goed uitgerekend; de vraag bepaalt welke telt. Lees dus altijd na: wordt gevraagd hoeveel je bespaart, of hoeveel je betaalt?
Bij 30% korting betaal je 70%. Dus €40 met 30% korting: 70% van 40 = 28. Eén stap naar de eindprijs, en meteen een controle voor de omweg via de korting (12 eraf, 28 over).
Kinderen berekenen de korting en schrijven die op als eindprijs. Of ze halen twee kortingen door elkaar: 50% korting en dan nog eens 50% is niet gratis, maar een kwart van de prijs.
8 levels met sterren, punten en een foutenlijst die onthoudt wat jij lastig vindt.
Start op Procenteneiland10% van de prijs is delen door 10; bouw daarvan op. €40 met 30% korting: 10% = €4, dus €12 korting, en je betaalt €28.
De korting is wat eraf gaat, de eindprijs wat je betaalt. Bij 20% korting op €50 is de korting €10 en de eindprijs €40.
Rekenmaster · gratis rekenen oefenen voor groep 3 t/m 8 · naar het spel · alle oefenpagina's · Over Rekenmaster · Contact · Privacy & cookies