Logo Rekenmaster Rekenmaster Gratis spelen

Rekenmaster › Oefenen › Mineiland

➖ groep 3 t/m 6 · 12 levels

Aftrekken oefenen (groep 3 t/m 6)

Aftrekken is voor kinderen aantoonbaar moeilijker dan optellen, en dat komt niet door de getallen maar door de richting. Achteruit tellen kost meer moeite dan vooruit, en bij het lenen komt daar een extra stap bovenop.

Onder de tien door

Bij 13 − 5 is de aangeleerde route: eerst terug naar tien (13 − 3 = 10), dan de rest eraf (10 − 2 = 8). Net als bij optellen leunt dit volledig op de splitsingen: het kind moet zien dat 5 bestaat uit 3 en 2.

Sommige kinderen rekenen liever ‘andersom’: van 5 naar 13 aanvullen (5 + 5 = 10, + 3 = 13, dus 8). Dat is een volwaardige strategie en vaak zelfs sneller. Laat een kind die aanpak gerust gebruiken.

Lenen: waar de meeste fouten vallen

Bij 52 − 27 komt een kind eenheden tekort: van 2 kun je geen 7 afhalen. De klassieke fout is dan om “gewoon” 7 − 2 te doen en op 35 uit te komen. Dit is verreweg de meest gemaakte fout in groep 5.

De uitweg is dezelfde als bij optellen: werk via het tiental. 52 − 20 = 32, dan 32 − 7: eerst naar 30 (−2), dan nog 5 eraf = 25. Wie dit stap voor stap opschrijft, maakt beduidend minder fouten dan wie het in één keer probeert.

Aanvullen: de onderschatte strategie

Bij sommen als 82 − 79 is terugtellen onhandig. Aanvullen is dan veel sneller: van 79 naar 82 is 3. Hoe dichter de getallen bij elkaar liggen, hoe meer aanvullen loont.

Kinderen doen dit in de winkel al automatisch bij wisselgeld. Maak die link expliciet — “dit is precies wat je bij het teruggeven van geld doet” — en de strategie beklijft veel beter.

'Wat is het verschil?' is ook aftrekken

Verschilsommen (“hoeveel is Sam ouder dan Noa?”) voelen voor kinderen anders dan wegnemen, terwijl de som identiek is. Het helpt om beide beelden te oefenen: er gaat iets weg, én: hoe ver liggen twee getallen uit elkaar?

Verhaalsommen op de eindtoets vragen vaak precies dit tweede type, dus het loont om er expliciet aandacht aan te geven.

➖ Oefenen op Mineiland

12 levels, van makkelijk naar moeilijk. Gratis, zonder account te hoeven maken.

Start met oefenen

Veelgestelde vragen

Wat betekent 'lenen' bij aftrekken?

Dat je een tiental omwisselt in tien eenheden omdat je er te weinig hebt. Bij 52 − 27 kun je van 2 geen 7 afhalen; je gebruikt dan een tiental van de 50. Via het tiental rekenen (52 − 20 = 32, dan 32 − 7 = 25) voorkomt de meeste fouten.

Waarom vindt mijn kind aftrekken moeilijker dan optellen?

Terugtellen kost meer moeite dan vooruittellen, en bij lenen komt er een extra denkstap bij. Ook ontbreken vaak de splitsingen tot tien, waardoor elke som opnieuw uitgerekend moet worden.

Wat is aanvullen?

Een strategie waarbij je van het kleinste naar het grootste getal telt: 82 − 79 los je op door van 79 naar 82 te stappen, dus 3. Handig als de getallen dicht bij elkaar liggen, en hetzelfde als wat je bij wisselgeld doet.

Andere onderwerpen

Per leerjaar

Rekenmaster · gratis rekenen oefenen voor groep 3 t/m 8 · naar het spel · alle oefenpagina's · Over Rekenmaster · Contact · Privacy & cookies